Hoofdmenu openen

Het boek Job is een boek in de Bijbel en wordt zo genoemd naar de man Job over wie het voornamelijk handelt.

De naam Job bete­kent: "de vijandig behandelde". Over de naam, zie Job.

Job was een oprecht en vroom man, een herders­vorst en rijk aan bezittingen. Zeer waarschijnlijk heeft hij geleefd vóór de uittocht uit Egypte en hij behoorde dus niet tot het joodse volk[1]. Hij woonde in Uz, een land dat een paar keer in ongunstige zin in de Bijbel voorkomt (Jer. 25 : 20, Klaagl. 4: 21). Zijn vroomheid en godsvrucht komen daardoor nog sterker naar voren.

De Satan heeft getracht zijn geloof aan het wankelen te brengen door hem, onder de toelating van God, alles te ontnemen en zijn gezondheid aan te tasten. Door deze ingrijpende beproeving lukt hem dit ech­ter niet.

Het onbegrip van zijn drie vrienden, tegenover wie hij zich rechtvaardigt, veroorzaakt hem veel ziele­strijd. Een vierde vriend toont een beter begrip voor zijn toestand en tenslotte spreekt God zelf tot hem. Hier­tegen heeft hij geen weerwoord; hij leert zich zien in Gods licht, komt tot zelfkennis en berouw en de Here kan Zich weer zegenend met hem bezig houden.

Inhoud

Schrijver en tijd

Dit boek is, volgens de opvatting van Gouda Quint[2], waarschijnlijk onder de regering van Salomo, in het meest bloeiende tijd van de Hebreeuwse letterkunde, vervaardigd door een ons onbekend gebleven dichter. Het bevat volgens hem een vrije bewerking van een oude, werkelijk geschiedkundige overlevering.

Dichterlijke waarde

Het boek kan, wat dichterlijke waarde betreft, volgens Gouda Quint niet genoeg gewaardeerd worden.[2]

Indeling

Het boek kan in vijf delen worden onderverdeeld:

Job 1-2: Onheil overvalt Job

Deze hoofdstukken tonen Jobs godsvrucht, handelen over zijn gezin, zijn rijkdommen, de invloed van Satan, zijn onheil en zijn vrienden. Na hoofdstuk 2 wordt de direkte invloed van de Satan niet meer genoemd.

Job 3-31: gesprekken met Elifaz, Bildad en Zofar

Deze hoofdstukken geven de gesprekken weer van zijn drie vrienden Eli­faz, Bildad en Zofar.

In Job 4, 15 en 22 valt Elifaz, de Temaniet,  Job aan en spreekt over de ondervinding. Job antwoordt en verdedigt zich tegenover hem in de hoofdstukken 6, 16 en 23.

In Job 8, 18 en 25 tracht Bildad, de Suhiet, aan te tonen dat in het ver­leden God altijd gestraft heeft die schuldig waren aan begaan onrecht. Job antwoordt en verdedigt zich tegenover hem in de hoofdstukken 9, 19 en 26. In zijn tweede antwoord aan Bildad geeft hij blijk van zijn geloof in de Verlosser en aan de opstan­ding (Job 19:25-26).

In Job 11, 20 is Zofar, de Naämathiet, zeer streng, wettisch en hard in zijn oordeel. Hij spreekt Job tweemaal toe, terwijl de eerste twee vrienden zich driemaal tot Job richten. Job antwoordt en verdedigt zich tegenover hem in de hoofdstukken 12 en 21.

Later is de ellendige Job zó met zichzelf bezig, dat hij wel 52 keer spreekt over "ik", "mijn" en "mij" (Job 29).

 
Job en zijn vrienden. Schilderij van Ilja Repin, olieverf op doek (1869)

Job 32-37: rede van Elihu

Deze hoofdstukken vermelden alleen de toespraken van zijn jongste vriend, Elihu, de Buziet, die de genade en waarheid aantoont. Hierdoor wordt het hart van Job getroffen en hij heeft geen behoefte er op in te gaan of zich te verdedigen.

Elihu betekent: "Hij is mijn God."

Job 38-41: openbaring van God

De hoofdstukken 38-41 bevatten de indrukwekkende toespraken van God-zelf. Hij spreekt uit een onweder. Hierdoor wordt door Job de majesteit van God erkend en ook zijn recht van handelen en tevens zijn wijsheid. Schuld­bewust buigt hij zich voor God en verfoeit zichzelf.

Job 42: herstel van Job

Het herstel van Job, zijn opnieuw verkregen voor­spoed, zijn offerande en zijn voorbede voor zijn vrienden.

Commentaar

Op de volgende pagina's worden passages of onderwerpen behandeld:

Meer weten

Jaap Dieleman, Terug naar de toekomst. Een speurtocht naar je oorsprong om je bestemming te kennen. Omvang: 208 blz.

W. Kelly, D.K. Boom, Gods hand in het lijden; beschouwing over het boek Job. Vrij naar de Engelse uitgave van de schrijver Willam Kelly. Nederlandse uitgave door J. N. Voorhoeve, Den Haag, zonder jaar (ca. 1931). Omvang: 126 pagina's.

Izaäl Venema, Het boek Job. Zonder jaar. Omvang: 11 blz. Te downloaden van DeBijbelIsUniek.nl zijn een versie met HSV-vertaling en/of een versie met NBG51-vertaling, beide in pdf-formaat.

Bronnen

Voor de eerste versie van dit artikel is, onder toestemming, gebruik gemaakt van tekst uit H. Moll, Wat zegt Gods Woord over ...?, deel 3. Oostburg: W.J Pieters, z.j.

Voetnoten

  1. Zo H. Moll, Wat zegt Gods Woord over ...?, deel 3. Oostburg: W.J Pieters, z.j.
  2. 2,0 2,1 P.J. Gouda Quint, Woordenboek des Bijbels, inzonderheid ten gebruike bij de Statenvertaling. Haarlem: De erven F. Bohn, 1866.